Statuten
CUCO Lohnsteuerhilfeverein e.V. · Nieuwe versie van 08. 04. 2026
§ 1 Naam, statutaire zetel, werkterrein, boekjaar
1. De vereniging draagt de naam CUCO Lohnsteuerhilfeverein e.V., afgekort "CUCO e.V.". Het moet worden ingeschreven in het verenigingsregister en draagt daarna de toevoeging "e.V.".
2. De vereniging is gevestigd in Darmstadt en valt daarmee onder de jurisdictie van de toezichthoudende autoriteit voor loonbelastingbijstandsverenigingen van de deelstaat Hessen.
3. Het management is gevestigd in Darmstadt en valt dus onder de jurisdictie van dezelfde toezichthoudende autoriteit.
4. Het werkterrein van de vereniging valt binnen het toepassingsgebied van de grondwet voor de Bondsrepubliek Duitsland.
5. De activiteiten van de vereniging beginnen op zijn vroegst op 1 januari 2026; het boekjaar is het kalenderjaar.
§ 2 Doel van de Vereniging
1. De vereniging is een zelfhulpinstelling voor medewerkers. Het enige doel ervan is het verlenen van bijstand in belastingzaken in het kader van de bevoegdheid overeenkomstig § 4 nr. 11 van de Wet op de Belastingadvies (StBerG) aan haar leden.
2. Er moet ten minste één adviescentrum worden onderhouden in het hogere financiële district waar de vereniging haar statutaire zetel heeft. Het in stand houden van adviescentra in externe hogere financiële districten is toegestaan. Bijstand in belastingzaken in het kader van de vergunning volgens § 4 nr. 11 StBerG mag alleen worden uitgeoefend door personen die deel uitmaken van een adviescentrum. Als beheerder van het adviescentrum kunnen alleen personen worden aangesteld die voldoen aan de vereisten van de wettelijke bepalingen zoals geregeld in § 23 StBerG. Bijstand in belastingzaken in het kader van de vergunning volgens § 4 nr. 11 StBerG moet correct, gewetensvol en vertrouwelijk worden uitgevoerd en zich onthouden van ongeoorloofde reclame. Het uitoefenen van enige andere economische activiteit in verband met de bijstand in belastingzaken binnen het toepassingsgebied van de vergunning overeenkomstig § 4 nr. 11 StBerG is verboden. Alle personen die bij de vereniging werkzaam zijn voor bijstand in belastingzaken moeten aan bovengenoemde verplichtingen voldoen.
3. De vereniging is politiek, religieus en ideologisch neutraal en niet gericht op commerciële bedrijfsactiviteiten en is daarom een ideale vereniging in de zin van § 21 van het Duitse Burgerlijk Wetboek (BGB).
4. De vereniging beoogt tevens de belastingwetgeving te beïnvloeden in het belang van haar leden.
§ 3 Soorten leden
1. Iedere natuurlijke persoon die zijn woonplaats heeft in het werkgebied van de vereniging of daar tijdelijk verblijft of die gerechtigd of verplicht is in Duitsland belastingaangifte in te dienen, kan lid van de vereniging worden.
2. De vereniging bestaat uit oprichtende leden (lidmaatschap per stichting) en gewone leden (lidmaatschap door toetreden):
Leden met een bijzondere status
a) Oprichtende leden - met stemrecht in de algemene vergadering
Gewone leden
a) Actieve leden - met stemrecht in de algemene vergadering
b) Passieve leden - zonder stemrecht in de algemene vergadering
3. Actieve leden zijn gewone leden of personen in de zin van § 26 lid 3 StBerG of voeren taken uit die in de statuten zijn vastgelegd. Passieve leden maken geen gebruik van de adviesdiensten van de vereniging, maar ontvangen tijdens hun passieve lidmaatschap als gewone leden informatie van de vereniging. Stichtende leden zijn de leden van de vereniging die de vereniging hebben opgericht.
§ 4 Verwerving van lidmaatschap
1. De toetreding dient schriftelijk of via een digitale intentieverklaring te geschieden. Voor toetreding is de digitale intentieverklaring voldoende als het lid zijn adres digitaal doorgeeft en het lidmaatschap digitaal door de vereniging wordt bevestigd. Indien een lid in het kalenderjaar volgend op de beëindiging van het lidmaatschap opnieuw gebruik maakt van de hulp van de vereniging, wordt het lidmaatschap pas herleefd met een aanvullende schriftelijke of digitale verklaring.
2. Alle aspirant-leden moeten vóór de indiening van hun toetredingsverklaring op de hoogte worden gesteld van de statuten en het contributieschema en moeten deze documenten na hun toetreding overhandigd krijgen.
3. Het lidmaatschap kan ook met terugwerkende kracht voor een afgelopen periode worden vastgesteld.
4. Bij toetreding tot de vereniging geeft het nieuwe lid aan of hij actief of passief lid wil worden. De wijziging van de ledenstatus tussen passief en actief moet door het lid schriftelijk of via een digitale intentieverklaring worden aangegeven. Deze intentieverklaring geldt alleen voor de komende jaren.
5. Door toetreding aanvaardt het nieuwe lid de statuten van de vereniging en het verenigingsreglement in hun respectieve geldige versies en onderwerpt zich aan dit reglement.
6. Er bestaat geen wettelijke aanspraak op toelating tot de vereniging. Het bestuur kan de toegang weigeren. De afwijzing van de toetreding behoeft geen rechtvaardiging en kan niet worden betwist. Indien het bestuur niet binnen drie maanden bezwaar maakt tegen de toetredingsverklaring van een aspirant-lid, geldt het lidmaatschap als bevestigd.
§ 5 Toegangsprijs en lidmaatschapsbijdrage
1. Het bestuur stelt een contributietabel vast en stelt deze vast, waaruit de hoogte van de contributie en de eenmalige toegangsprijs voor de leden voortvloeit. Hiervoor is de goedkeuring van de algemene vergadering vereist. In het honorariumoverzicht, dat in de adviescentra wordt opgehangen, kan de vergoeding van de kosten in fiscale gerechtelijke procedures worden vastgelegd.
2. Een wijziging van de contributielijst dient uiterlijk drie maanden vóór aanvang van het kalenderjaar waarin de gewijzigde contributielijst in werking treedt, aan de leden bekend te worden gemaakt.
3. Bij toetreding is de contributie onmiddellijk verschuldigd samen met de eenmalige toegangsprijs, anders op 1 januari van ieder jaar voor het lopende kalenderjaar. Er bestaat alleen aanspraak op een uitkering als alle verschuldigde vergoedingen zijn betaald.
4. Passieve leden zijn verplicht een minimumbedrag te betalen. Nieuw toegelaten leden betalen een toegangsprijs. Gehuwde/samengestelde leden die de mogelijkheid hebben tot gezamenlijke beoordeling betalen een gezamenlijk tarief en slechts één toegangsprijs; zij zijn hoofdelijk aansprakelijk. Details worden geregeld in het tariefoverzicht.
5. Actieve leden zijn verplicht de gegevens te verstrekken die nodig zijn voor de vaststelling van de contributie. Een herhaalde schriftelijke herinnering is niet nodig.
6. Voor hulp bij belastingzaken in het kader van de machtiging volgens § 4 nr. 11 StBerG mag naast de lidmaatschapsbijdrage geen speciale vergoeding in rekening worden gebracht. De contributie is eveneens verschuldigd indien er geen gebruik wordt gemaakt van de diensten van de vereniging.
7. In gerechtvaardigde uitzonderlijke gevallen heeft het bestuur het recht om het toegangsgeld en het lidmaatschapsgeld te verminderen of kwijt te schelden. Leden van samenwerkingspartners van de vereniging betalen geen toegangsprijs, evenals leden die overstappen van passief lidmaatschap naar actief lidmaatschap. Stichtende leden zijn vrijgesteld van de verplichting om contributie te betalen.
8. Kosten, honoraria en onkosten gemaakt door de vereniging in verband met de inning van honoraria voor buitengerechtelijke en gerechtelijke aanmaningsprocedures moeten worden vergoed door het actieve lid. Het bestuur besluit over maatregelen voor de inning van de lidmaatschapsgelden.
§ 6 Rechten en plichten van de leden
1. Oprichtende en gewone leden zijn verplicht de belangen van de vereniging naar beste kunnen te behartigen en de besluiten en besluiten van de organen van de vereniging na te leven.
2. Oprichtende en actieve leden hebben in het kader van de machtiging overeenkomstig § 4 nr. 11 StBerG recht op adviesdiensten voor alle belastingaangelegenheden die betrekking hebben op het jaar van toetreding en daaropvolgende jaren en, in geval van toetreding met terugwerkende kracht, op de kalenderjaren vóór het jaar van toetreding. Als er diensten moeten worden verleend voor gehuwden/samenwonenden die beiden aangaan (bijvoorbeeld gezamenlijke aanslag inkomstenbelasting), moeten beide echtgenoten/levenspartners van een geregistreerd geregistreerd partnerschap (hierna: levenspartners) stichtend of gewoon lid zijn. Er bestaat geen recht op raadpleging door een bepaalde persoon.
3. Op de raadpleging van actieve leden zijn de volgende voorwaarden van toepassing:
a. De raadpleging van actieve leden wordt uitsluitend uitgevoerd door adviescentra in de zin van § 23 StBerG.
b. Bijstand in belastingzaken in het kader van de vergunning volgens § 4 nr. 11 StBerG wordt alleen verleend door personen die deel uitmaken van een adviescentrum.
c. Het adviescentrum mag zijn activiteiten alleen uitoefenen als het samen met de beheerder van het adviescentrum door de bevoegde toezichthoudende autoriteit is ingeschreven in het register van de loonbelastingbijstandsverenigingen na verificatie van de vereisten vermeld in § 23 lid. 3 StBerG.
d. Alle personen die door de vereniging worden ingezet voor bijstand in belastingzaken in het kader van de machtiging overeenkomstig § 4 nr. 11 StBerG zijn verplicht de in deze statuten genoemde verplichtingen na te leven.
e. Voor elk adviescentrum wordt een manager aangesteld; ze mogen tegelijkertijd slechts één ander adviescentrum beheren.
f. De manager van het adviescentrum oefent professioneel toezicht uit op de personen die in het adviescentrum werken.
g. Alleen personen die voldoen aan de vereisten volgens § 23 Para. 3 StBerG kan worden aangesteld als beheerder van een adviescentrum.
4. Door lid te worden van de vereniging en hun e-mailadres op te geven, gaan gewone leden ermee akkoord dat mededelingen ter verwezenlijking van het doel van de vereniging ook papierloos per digitale post (per e-mail) kunnen worden verzonden.
5. Oprichters en gewone leden zijn verplicht wijzigingen in hun postadres, telefoonnummer of e-mailadres onverwijld aan de vereniging te melden. Kosten die de vereniging maakt als gevolg van het niet nakomen van deze verplichting, komen voor rekening van de leden.
6. Door lid te worden van de vereniging verklaren de oprichtende en gewone leden dat zij op de hoogte zijn van /, indien van toepassing, toestemming geven voor het verzamelen, gebruiken en verwerken van hun persoonlijke gegevens in overeenstemming met de regelgeving inzake gegevensbescherming en voor digitale verzending naar de bevoegde autoriteiten (bijvoorbeeld de belastingdienst).
7. Actieve leden zijn verplicht mee te werken in hun eigen belastingaangelegenheden ter verwezenlijking van het doel van de vereniging; in het bijzonder moeten zij hun belastingdocumenten ordenen en voorbereiden, ernaar streven tijdig een consultatieafspraak te regelen en noodzakelijke vragen snel afhandelen.
8. Belastingbijstand in fiscale gerechtelijke procedures is onderworpen aan het opportuniteitsbeginsel. De vereniging heeft het recht om vergoeding van de kosten van een fiscale gerechtelijke procedure te vorderen en is niet verplicht de gerechtskosten te dragen.
9. De documenten van een oprichtend of actief lid met betrekking tot bijstand in belastingzaken die binnen de reikwijdte van de machtiging overeenkomstig § 4 nr. 11 StBerG vallen, worden gedurende een periode van tien jaar na voltooiing van de activiteiten van de vereniging op het gebied van belastingzaken van het lid bewaard in het plaatselijke adviescentrum, een digitaal centraal archief of op verzoek van het bestuur op de statutaire zetel van de vereniging. De verplichting om de documenten van een lid te bewaren vervalt echter vóór het einde van de termijn van tien jaar, indien de vereniging het lid heeft verzocht de documenten in ontvangst te nemen en het lid niet binnen zes maanden na ontvangst aan dit verzoek heeft voldaan. Zolang de vereniging niet verplicht is de documenten terug te geven, kan een lid slechts tegen vergoeding van de kosten kopieën van delen van zijn documenten verlangen.
10. In het kader van de verwezenlijking van het doel van de vereniging heeft de vereniging het recht om de gegevens van haar oprichters en gewone leden digitaal op te slaan.
§ 7 Beëindiging van het lidmaatschap
1. Het lidmaatschap eindigt door schrapping van de ledenlijst, overlijden van het lid, door opzegging in de vorm van opzegging, of door verwijdering uit de vereniging.
2. Uittreding uit de vereniging is uitsluitend mogelijk tegen het einde van een kalenderjaar. Dit gebeurt door middel van een verklaring in tekstvorm gericht aan het bestuur van de vereniging, die uiterlijk 31 december van het lopende jaar ontvangen moet zijn. Bepalend voor het tijdstip van ontvangst van de opzegging is de datum van ontvangst van de opzeggingsverklaring door de vereniging.
3. Indien een wijziging van het contributieschema leidt tot een gemiddelde contributieverhoging van meer dan 20%, hebben oprichters en gewone leden het recht, ongeacht de opzegtermijn vervat in § 7 Para. 2, het lidmaatschap buitengewoon schriftelijk op te zeggen tegen het einde van het kalenderjaar. Deze opzegging dient een verwijzing naar de tariefverhoging van meer dan 20% te bevatten en moet binnen een uitsluitingstermijn van één maand na de aankondiging van de tariefverhoging door het bestuur zijn ontvangen.
4. Ieder lid kan bij besluit van het bestuur van de ledenlijst worden geschrapt, indien hij ondanks twee schriftelijke (waaronder per e-mail) aanmaningen een betalingsachterstand heeft met de betaling van het lidmaatschapsgeld. De verwijdering kan alleen worden opgelost als er minimaal 2 maanden zijn verstreken sinds de verzending van de tweede herinnering aan het lid en er in de herinnering werd gedreigd met verwijdering van de ledenlijst. De verplichting van het lid tot betaling van de contributie voor het voorgaande en het lopende kalenderjaar blijft door de schrapping van de ledenlijst onaangetast.
5. Ieder lid kan bij besluit van het bestuur uit de vereniging worden verwijderd, indien hij de belangen van de vereniging op grove wijze heeft geschonden. Redenen voor uitsluiting zijn met name grove schendingen van de statuten en de belangen van de vereniging, evenals van besluiten en besluiten van de organen van de vereniging. De aanspraak van de vereniging op betaling van de lidmaatschapsbijdrage blijft onverminderd van kracht.
§ 8 Organen van de Vereniging
1. De organen van de vereniging zijn:
a) de algemene vergadering
b) het bestuur
2. Het lidmaatschap van meer dan één verenigingsorgaan is mogelijk. Bestuursleden mogen niet behoren tot een andere loonbelastingbijstandsvereniging en mogen ook in geen enkele functie werkzaam zijn bij een andere loonbelastingbijstandsvereniging.
3. De bestuursleden hebben een bijzondere, bijzondere en verantwoordelijke functie. Indien en voor zover een bestuurslid zich op enigerlei wijze zodanig gedraagt dat de vereniging of haar reputatie aanzienlijk wordt geschaad, kan hij als lid worden uitgesloten van de betreffende bestuursfunctie.
§ 9 Algemene Vergadering
1. De algemene vergadering is het hoogste orgaan van de vereniging. In de vergadering heeft ieder stemgerechtigd lid één stem.
2. De toepassing van de bepalingen van § 32 BGB (Algemene Vergadering; Resolutie) en § 33 BGB (Statuutswijzigingen) is niet uitgesloten.
3. De algemene vergadering vindt tenminste eenmaal per jaar plaats. Het wordt bijeengeroepen door het bestuur. Indien het bestuur uit slechts één bestuurslid bestaat dat kan handelen, kan het bestuur alleen voor de algemene vergadering worden uitgenodigd. De oproeping dient schriftelijk of per e-mail te geschieden met een opzegtermijn van minimaal vier weken, onder vermelding van de agenda, de plaats en het tijdstip. Tegelijkertijd moet de toezichthoudende autoriteit op de hoogte worden gesteld. Door het opgeven van het e-mailadres gaat het lid er jegens de vereniging mee akkoord de oproeping voor de algemene vergaderingen van de vereniging op dit adres te ontvangen. Oprichtende en actieve leden hebben het recht om moties in te dienen en te stemmen in de algemene vergadering, mits zij hun deelname uiterlijk 7 dagen vóór de algemene vergadering bij het bestuur van de vereniging hebben aangemeld. In dit geval wordt door het bestuur direct een bevestiging van deelname verzonden als bevestiging van inschrijving. De uitnodigingsbrief moet in tekstvorm aan ieder lid worden toegezonden en wordt geacht te zijn ontvangen indien deze is gericht aan het laatst door het lid opgegeven post- of e-mailadres.
4. Wijziging van de statuten van de vereniging kan slechts plaatsvinden in een algemene vergadering waarvoor in de uitnodiging een bijzondere verwijzing naar de voorgenomen statutenwijziging is opgenomen.
5. Binnen 3 maanden na de bekendmaking van de essentiële inhoud van de auditbevindingen aan de oprichtende en gewone leden moet het bestuur een algemene vergadering bijeenroepen waarin in het bijzonder een bespreking van het resultaat van het bestuur zal plaatsvinden en een besluit zal worden genomen over de decharge van het bestuur voor zijn bestuur gedurende het gecontroleerde boekjaar.
6. Op verzoek van tenminste 20% van alle leden (som van de oprichters en gewone leden) moet het bestuur binnen een termijn van vier weken een buitengewone algemene vergadering bijeenroepen.
7. Het bestuur stelt de agenda vast. Ieder oprichtend of actief lid kan tot uiterlijk twee weken vóór de algemene vergadering schriftelijk een aanvulling op de agenda aanvragen bij het bestuur. De leider van de vergadering moet de toevoeging aan het begin van de algemene vergadering bekendmaken. De algemene vergadering beslist over verzoeken tot toevoeging aan de agenda die tijdens de algemene vergadering worden gedaan.
8. Bij de oproeping van de vergadering kan worden bepaald dat oprichters en gewone leden ook door middel van digitale communicatie aan de vergadering kunnen deelnemen en hun lidmaatschapsrechten kunnen uitoefenen zonder ter plaatse aanwezig te zijn (hybride vergadering). Oprichtende en actieve leden kunnen besluiten dat toekomstige vergaderingen ook als virtuele bijeenkomsten kunnen worden belegd, waaraan oprichtende en gewone leden moeten deelnemen door middel van digitale communicatie zonder ter plaatse aanwezig te zijn en hun overige lidmaatschapsrechten moeten uitoefenen. Indien een hybride of virtuele vergadering wordt bijeengeroepen, moet in de oproeping tevens worden vermeld op welke wijze de oprichters en gewone leden hun rechten kunnen uitoefenen door middel van digitale communicatie.
9. De algemene vergadering wordt geleid door de voorzitter. Indien de voorzitter niet aanwezig is, wordt de algemene vergadering geleid door een bestuurslid. Indien geen bestuurslid aanwezig is, bepaalt de vergadering de leider van de vergadering. De leider van de vergadering beslist over de wijze van stemmen. De stemming moet schriftelijk plaatsvinden als 1/3 van de aanwezige stemgerechtigde leden daarom verzoekt.
10. De besluiten van de algemene vergadering worden genomen, onverminderd de bepalingen van § 33 BGB (Statuutswijziging, Wijziging van het doel van de vereniging), met een gewone meerderheid van de aanwezige oprichtende en actieve leden. Elke op de juiste wijze bijeengeroepen algemene vergadering heeft een quorum.
11. Voor een besluit houdende een statutenwijziging is een meerderheid van 3/4 van de geldig uitgebrachte stemmen vereist. Blokstemming over de te wijzigen wettelijke bepalingen is toegestaan. De goedkeuring van alle oprichtende en gewone leden is vereist om het doel van de vereniging te wijzigen; de goedkeuring van de niet aanwezige leden dient in tekstvorm te geschieden.
12. Van de besluiten van de algemene vergadering worden notulen gehouden, welke worden ondertekend door de notulist en de voorzitter van de vergadering. Bij de notulen moet een lijst van alle deelnemers aan de algemene vergadering worden gevoegd.
13. De algemene vergadering is uitsluitend verantwoordelijk voor de volgende zaken:
– Verkiezing en ontslag van bestuursleden
– Goedkeuring van de honorariumtabel
– Ontvangst van het jaarverslag van het bestuur
– Bespreking van het resultaat van de bedrijfsaudit
– Decharge van het bestuur
– Goedkeuring van door de vereniging gesloten contracten met bestuursleden of hun familieleden
– Besluit tot wijziging van de statuten en de ontbinding van de vereniging
14. De algemene vergadering is niet openbaar. De leider van de vergadering kan gasten toelaten voor individuele agendapunten of voor de gehele vergadering. Vertegenwoordigers van de toezichthoudende autoriteit mogen de algemene vergadering bijwonen overeenkomstig § 29 Para. 2 StBerG.
15. De kosten van de algemene vergadering komen voor rekening van de vereniging.
§ 10 Protocollen
1. Van besluiten van de algemene vergadering worden notulen gehouden, welke worden ondertekend door de notulist en de leider van de vergadering. Bij de notulen moet een lijst van alle deelnemers worden gevoegd. De notulen moeten vervolgens naar de toezichthouder worden gestuurd.
§ 11 Bestuur
1. Het bestuur van de vereniging in de zin van § 26 BGB bestaat uit minimaal twee en maximaal vier leden, te weten de voorzitter en maximaal drie plaatsvervangende voorzitters. Het bestuursfunctie kan voltijds of vrijwillig worden uitgeoefend. Twee bestuursleden vertegenwoordigen gezamenlijk de vereniging. Bij besluit van de algemene vergadering kan aan een bestuurslid uitsluitende vertegenwoordigingsbevoegdheid worden verleend.
2. Het bestuur wordt gekozen door de algemene vergadering voor een periode van 5 jaar. De verkiezing van bestuursleden kan voortijdig worden ingetrokken als er een belangrijke reden is volgens § 27 Para. 2 BGB. Ze blijven echter in functie totdat er een nieuw bestuur wordt gekozen.
3. De ambtstermijn begint op 1 januari van het jaar volgend op de verkiezing. Bij later gekozen bestuursleden eindigt het mandaat op het tijdstip waarop de ambtstermijn van de eerder gekozen bestuursleden zou zijn verstreken. Herverkiezing is toegestaan. Herverkiezing voor een volgende termijn vindt plaats in het vierde jaar van de lopende ambtstermijn. Het bestuur blijft in functie tot een effectieve nieuwe verkiezing en inschrijving van het nieuwe bestuur in het verenigingsregister. Verkiezing van het bestuur en zijn ontslag en bloc zijn toegestaan.
4. De benoeming van het bestuur en zijn individuele leden kan slechts om een gewichtige reden door de algemene vergadering worden ingetrokken. Belangrijke redenen zijn grove plichtsverzuim of blijvend onvermogen om het bedrijf goed te besturen.
5. Het bestuur besluit bij besluit met gewone meerderheid van de uitgebrachte stemmen. Het heeft een quorum als ten minste twee van zijn leden aan de resolutie deelnemen. Onder hen moet de voorzitter of zijn plaatsvervanger zijn. Bij staking van stemmen beslist de stem van de voorzitter.
6. Op de bedrijfsvoering door het bestuur zijn de bepalingen van §§ 664 tot 670 BGB van toepassing.
7. Het bestuur bestuurt de onderneming en vertegenwoordigt de vereniging in en buiten rechte. Daarnaast is het bestuur in het bijzonder verantwoordelijk voor de volgende taken:
a. de juiste uitoefening van bijstand in belastingzaken in het kader van de vergunning volgens § 4 nr. 11 StBerG (StBerG) door de managers van het adviescentrum en hun medewerkers
b. het beheer en toezicht op de lopende en buitengewone zaken van de vereniging
c. uitvoering van de besluiten van de algemene vergadering
d. opening van adviescentra en benoeming van managers van adviescentra
e. het opstellen van werkrichtlijnen voor adviescentra
f. aangaan en beëindigen van arbeidsovereenkomsten
g. kennisgeving aan de bevoegde toezichthoudende autoriteit met betrekking tot de opening of sluiting van een adviescentrum, de aanstelling of het ontslag van een manager van een adviescentrum, evenals kennisgeving aan de personen die bij de vereniging werkzaam zijn voor hulp bij belastingzaken binnen het toepassingsgebied van de vergunning overeenkomstig § 4 nr. 11 StBerG
h. volledige en voortdurende registratie van alle inkomsten en uitgaven
i. benoeming van bedrijfsrevisoren. Als bedrijfsrevisor kunnen alleen personen en bedrijven worden aangesteld die in het kader van de vergunning volgens § 4 nr. 11 StBerG volgens § 3 StBerG onbeperkte bijstand kunnen verlenen in belastingzaken
j. doorsturen van het auditrapport naar de bevoegde toezichthoudende autoriteit binnen één maand na ontvangst ervan, maar uiterlijk negen maanden na het einde van het boekjaar
k. schriftelijke kennisgeving van de essentiële inhoud van de auditbevindingen aan alle leden (oprichtende, actieve en passieve leden) binnen zes maanden na ontvangst van het auditrapport
l. voorbereiding en schriftelijke oproeping van de algemene vergadering binnen drie maanden na de aankondiging van de essentiële inhoud van de auditbevindingen aan de oprichtende en gewone leden en verdere algemene vergaderingen, evenals het opstellen van hun agenda
m. overhandiging van een jaarverslag over de ontwikkeling en situatie van de vereniging in het boekjaar aan de algemene vergadering
n. het nakomen van de verplichtingen jegens de toezichthouder die voortvloeien uit de StBerG en de Witwaswet
8. Het voltijds bestuurslid heeft recht op een passende beloning voor zijn werkzaamheden en op het afsluiten van een passende D&O-verzekering (de D&O-verzekering is een speciale aansprakelijkheidsverzekering voor leidinggevenden die hen beschermt tegen de financiële gevolgen van verkeerde beslissingen op het werk) en op vergoeding van alle kosten die zijn gemaakt bij het uitvoeren van wettelijke taken. Verdere details worden geregeld in een servicecontract.
9. Het bestuur is vrijgesteld van de bepaling van §181 BGB.
10. Op het bestuur door de raad van bestuur zijn §§ 664 tot 670 BGB van toepassing.
11. Het is bestuursleden in beginsel verboden direct of indirect met de vereniging te concurreren. Voor leden van de raad van bestuur die tevens aandeelhouder en directeur zijn van CUCO GmbH (een onderneming die onder dezelfde merknaam in hetzelfde marktsegment opereert) geldt in afwijking van dit artikel het volgende:
a. De dubbele rol als bestuurslid en als directeur is toegestaan. Er kunnen overlappingen zijn op het werkterrein, maar vanwege de geringe omvang is er geen sprake van een ontoelaatbaar belangenverstrengeling of aantasting van de belangen van de vereniging. De vereniging en de GmbH zijn juridisch en organisatorisch zelfvoorzienend.
b. Als bijlage bij het dienstverleningscontract ontvangt het bestuur een afbakeningsovereenkomst met passende afbakeningsregels op het gebied van klantentoegang, kennisgebruik, middelengebruik, financiën en marketing. Deze regels moeten ervoor zorgen dat belangenconflicten worden vermeden en aansprakelijkheidsrisico's worden geminimaliseerd.
§ 12 Mededelingen
1. Mededelingen van de vereniging worden gedaan door het bestuur of namens het bestuur.
2. Alle mededelingen kunnen ook worden gedaan in een ledeninformatiebrief. Ze worden geacht te zijn gemaakt wanneer de ledeninformatie wordt gepost of wanneer deze in digitale vorm wordt verzonden.
3. Mededelingen van de vereniging, inclusief oproepingen voor de algemene vergadering, worden tijdig en tijdig gedaan en worden geacht te zijn ontvangen indien zij twee werkdagen voor het einde van de aankondigingstermijn zijn verzonden naar het laatst door het lid aan de vereniging opgegeven adres of e-mailadres.
4. Voor mededelingen aan echtgenoten/levenspartners in de zin van § 6 lid 2 volstaat het sturen van een kopie naar het gezamenlijke postadres of naar het bij de vereniging bekende e-mailadres van de leden.
§ 13 Activa
1. Alle bijdragen en gelden van de vereniging worden uitsluitend gebruikt voor verenigingsdoeleinden.
§ 14 Rechten en verplichtingen die voortvloeien uit het gebruik van het handelsmerk "CUCO"
1. De vereniging levert haar diensten onder de merknaam “CUCO” en draagt dit merk ook in haar naam. Na inschrijving in het verenigingsregister is de vereniging verplicht een overeenkomst over het gebruik van het merk te sluiten met de merkhouder of het merkexploitatiebedrijf.
2. De vereniging zorgt ervoor dat de aangesloten adviescentra eveneens uitsluitend onder het merk “CUCO” hun diensten aanbieden en overeenkomstige overeenkomsten met de adviescentra zal afsluiten. Hetzelfde geldt voor alle andere partners van de vereniging die economisch actief willen of zijn op de eindklantenmarkt.
3. Indien de tussen de vereniging en de merkhouder gesloten merkgebruiksovereenkomst wordt beëindigd, draagt de vereniging er zorg voor dat het gebruik van het merk wordt beëindigd op het moment van beëindiging van de overeenkomst. Hieronder valt ook de naamswijziging van de vereniging. Overtredingen van deze bepaling leiden tot een vordering tot schadevergoeding tegen de eigenaar van het handelsmerk, ongeacht de beëindiging van het contract.
§ 15 Aansprakelijkheid
1. In het geval van hulp in belastingzaken in het kader van de machtiging volgens § 4 nr. 11 StBerG voor de leden, kan de aansprakelijkheid van de vereniging voor de schuld van haar organen en medewerkers niet worden uitgesloten.
2. Voor de aansprakelijkheidsrisico's die voortvloeien uit de bijstand in belastingzaken die binnen de reikwijdte van de vergunning vallen overeenkomstig § 4 nr. 11 StBerG, sluit de vereniging een aansprakelijkheidsverzekering tegen financiële verliezen af voor een passend bedrag. Volgens § 10 DVLStHV moet het minimaal verzekerde bedrag voor het individuele verzekeringsgeval € 50.000,- bedragen en een eventuele overeengekomen maximale jaarlijkse uitkering voor alle schade veroorzaakt in het verzekeringsjaar minimaal € 200.000,-. Een eventueel overeengekomen eigen risico tot € 300,- is toegestaan.
3. Vorderingen tot schadevergoeding wegens plichtsverzuim gepleegd door de vereniging voortvloeiend uit belastingbijstand overeenkomstig § 4 nr. 11 StBerG jegens de leden in het kader van een lidmaatschap, verjaren drie jaar vanaf het einde van het jaar waarin de vordering is ontstaan. De vordering ontstaat door de rechtskracht van het desbetreffende belastingaanslag.
4. Indien leden voornemens zijn schadeclaims tegen de vereniging in te dienen, dient eerst schriftelijk melding te worden gemaakt van de feiten en de daaruit voortvloeiende schade aan het bestuur van de vereniging. Een actie bij de gewone rechter is alleen toelaatbaar als de vereniging niet binnen een termijn van zes weken op de schriftelijke melding van de schade heeft gereageerd of de schaderegeling afwijst.
§ 16 Verplichtingen jegens de toezichthoudende autoriteiten
1. Het bestuur moet voldoen aan de verplichtingen die voor de vereniging voortvloeien uit de StBerG jegens de toezichthouder.
2. De vereniging dient jaarlijks binnen 6 maanden na afloop van het boekjaar de volledigheid en juistheid van de administratie en het vermogensoverzicht, alsmede de conformiteit van de feitelijke bedrijfsvoering met de wettelijke taken van de Loonbelastingbijstandsvereniging, te laten controleren door één of meer bedrijfsrevisoren en er zorg voor te dragen dat de controle tegen het einde van de periode is afgerond.
3. Als bedrijfsauditor kunnen uitsluitend worden aangesteld: Personen en bedrijven die bevoegd zijn onbeperkte bijstand te verlenen in belastingzaken en accountantsverenigingen waarvan het statutaire doel de reguliere of buitengewone controle van leden omvat, indien ten minste één wettelijke vertegenwoordiger van de vereniging een belastingadviseur, belastingvertegenwoordiger, advocaat, gevestigde Europese advocaat, accountant of beëdigd accountant is.
4. Personen waarbij er sprake is van vooringenomenheid of de mogelijkheid van een belangenconflict, met name omdat zij bestuursleden, speciale vertegenwoordigers of werknemers van de vereniging zijn, kunnen geen bedrijfsauditors zijn. Dit geldt ook voor personen die de vereniging organisatorisch of economisch adviseren of ondersteunen, de stichtende of gewone leden van de vereniging verzorgen of dit in de auditperiode hebben gedaan, of die hebben meegewerkt aan het voeren van de boekhouding of het voorbereiden van de te controleren documenten.
5. De vereniging moet binnen één maand na ontvangst, maar uiterlijk 9 maanden na afloop van het boekjaar, een kopie van het auditrapport aan de toezichthouder zenden en de leden binnen 6 maanden na ontvangst van het auditrapport schriftelijk op de hoogte stellen van de essentiële inhoud van de auditbevindingen.
6. De vereniging moet elke statutenwijziging binnen een maand nadat het besluit is genomen, melden aan de bevoegde toezichthoudende autoriteit. Zij moet minimaal 4 weken van tevoren op de hoogte worden gesteld van naderende algemene vergaderingen.
7. De gemachtigde vertegenwoordigers van de vereniging moeten binnen 2 weken de voor de registratie of verwijdering in het register van loonbelastingbijstandsverenigingen in de zin van §§ 7 DVLStHV en 30 StBerG vereiste gegevens aan de bevoegde toezichthoudende autoriteiten doorgeven.
§ 17 Ontbinding van de vereniging en liquidatie
1. De ontbinding van de vereniging wordt besloten in het kader van een afzonderlijke algemene vergadering, waarvoor de ontbinding van de vereniging als agendapunt in de uitnodiging moet worden vermeld.
2. De ontbinding van de vereniging geschiedt bij besluit van de algemene vergadering en vereist een meerderheid van 3/4 van de geldig uitgebrachte stemmen. De vereniging kan niet worden ontbonden als minimaal 7 leden bezwaar maken tegen de ontbinding.
3. Een besluit over het gebruik van de overige activa wordt genomen bij gewone meerderheid van de geldig uitgebrachte stemmen.
4. Tenzij de algemene vergadering anders besluit, zijn de bestuursleden vereffenaars. De vertegenwoordigingsbevoegdheid van de statuten is van overeenkomstige toepassing.
5. De leden hebben geen aanspraak op de verdeling van het vermogen van de vereniging.
6. Op verzoek van de voorzitter, alvorens te stemmen over de ontbinding van de vereniging en het gebruik van de activa van de vereniging, de benoeming van een vertegenwoordiger om hangende belastingzaken te behandelen binnen de reikwijdte van de machtiging volgens § 4 nr. 11 StBerG volgens § 24 StBerG, evenals de opslag van de handbestanden volgens § 26 Para. 4 StBerG moet worden opgelost.
7. Bij ontbinding van de vereniging komt het resterende vermogen na uitvoering van de vereffening toe aan een liefdadigheidsinstelling. In de algemene vergadering wordt een afzonderlijk besluit over de begunstigde genomen.
§ 18 Plaats van jurisdictie
1. De bevoegde rechtbank voor de vereniging is de statutaire zetel van de vereniging. De plaats van uitvoering voor de verplichting om bijstand te verlenen in belastingzaken volgens § 4 nr. 11 StBerG is tevens de statutaire zetel van de vereniging.
§ 19 Slotbepaling
1. Indien delen van deze statuten ongeldig zijn of worden, heeft dit geen invloed op de geldigheid van de overige delen van de statuten. In plaats van de ongeldige of niet-afdwingbare bepaling wordt geacht een bepaling te zijn overeengekomen die het dichtst in de buurt komt van wat partijen economisch bedoeld hebben. Hetzelfde geldt in het geval van een maas in de wet.